Oliepomp en Ontsteking -wat hebben die met elkaar te maken?

Tussen de oliepomp en de ontsteking van een Traction motor bestaat een inniger relatie dan menigeen beseft. De oliepomp-as drijft namelijk ook de stroomverdeler aan. Voor het goed afstellen van de ontsteking is de stand van de oliepomp-as van belang. Hoofdrolspeler is hierbij de nokkenas. Hieronder leg ik uit hoe dat zit.

De oliepomp van de Traction motor wordt via een haakse vertanding door de nokkenas aangedreven. De overbrengingsverhouding is 1:1 en beide tandwielen hebben bij de meeste motoren elk 10 tanden. Bij het monteren van de oliepomp in het blok heb je daarom 10 x 10 = 100 verschillende combinaties om de twee tandwielen in elkaar te laten grijpen. Voor de oliepomp zelf maakt het niet uit in welke stand de tandwielen aangrijpen; die draait gewoon rond en pompt olie. Edoch, de oliepomp-as drijft tevens de stroomverdeler aan, die van boven af in het blok wordt gestoken. De as van de stroomverdeler kan maar in één stand in het oliepomptandwiel aangrijpen.

Als we uitgaan van het ontsteek-moment van de voorste (1e) cilinder, zou de vinger van de rotor theoretisch in 10 verschillende standen kunnen wijzen. Dat zou het insteken van de bougiekabels in de verdelerkap en het op tijd zetten van de ontsteking wel erg lastig maken. Citroën heeft daarover destijds nagedacht en bepaald dat we bij het monteren van de oliepomp in het blok moeten zorgen dat (1) de voorste zuiger in zijn hoogste stand staat, met beide kleppen gesloten = het ontsteekmoment, (2) de sleuf in het oliepomptandwiel evenwijdig aan het blok komt te staan en (3) de kleinste van de twee halfronden naar het blok toegekeerd is. Als we deze drie aanwijzingen opvolgen, zal na het terugplaatsen van de stroomverdeler de vinger van de rotor ongeveer haaks van het blok af wijzen. Dat geeft meteen de positie aan waarop de bougiekabel van de 1e cilinder in de verdelerkap moet worden gestoken. De rotor van de stroomverdeler draait rechtsom (= met de klok mee). De ontstekingsvlogorde van een 4-cilinder Traction motor is 1-3-4-2. (1-4-2-6-3-5 bij een zescilinder). Te beginnen bij de bougiekabel van de 1e cilinder, moeten de overige kabels dus met de wijzers van de klok mee in deze volgorde in de verdelerkap worden gestoken. Het kan haast niet fout gaan!

We zullen merken dat, uitgaande van de juiste stand van de verdeler-as, het op tijd zetten van de ontsteking (= het verdraaien en in de juiste stand vastzetten van het verdelerhuis) weinig problemen zal geven.

Oliepomp 4 cyl 001 NL

Onderaanzicht van de krukas

Oliepomp 4 cyl 003 NL

Oliepomp los in het carter (tandwiel zichtbaar)

Oliepomp in blok NL

Oliepomp in het motorblok geplaatst
(onderaanzicht)

Oliepomp 4 cyl 004 NL

Bovenaanzicht.
Let op de sleuf en het kleine halfrond

Stroomverdeler + Rotor NL

Stroomverdeler geplaatst.
Let op de stand van de rotor